Maak een woordendagboek. Zoek tien nieuwe woorden. Welke woorden leer jij op straat, in de supermarkt, op de campus, … ?
Als het woord een substantief is, schrijf dan het correcte lidwoord op (de of het).
Maak ook een simpele zin met ieder woord.
Create a word diary. Find ten new words. Which words do you learn on the street, in the supermarket, on campus, …?
If the word is a noun, write down the correct article (de or het).
Also make a simple sentence with each word.